Euro NCAP, de Europese instantie die zich bezighoudt met het beoordelen van de veiligheid van wagens, ondergaat de grootste wijziging in jaren. Daarbij gaan ze vanaf 2026 veel meer rekening houden met de aanwezigheid van fysieke knoppen en zich focussen op realistischere tests.
Foto © Euro NCAP
Sinds 1979 worden zo goed als alle wagens in de Verenigde Staten onderworpen aan het New Car Assessment Program (NCAP). In 1997 waaide het idee over naar Europa, waarbij de Euro NCAP die testen voor zijn rekening neemt. Deze onafhankelijke organisatie laat wagens expres crashen om te kijken wat er gebeurt bij een ongeluk. Het veiligheidsrapport dat daaruit volgt, geeft een indicatie in welke mate volwassenen en kinderen beschermd zijn. De afgelopen jaren wordt daarbij ook steeds vaker gefocust op de verschillende veiligheidssystemen die ongelukken net moeten voorkomen.
Grotere focus op knoppen
Vanaf volgend jaar ondergaat de Euro NCAP naar eigen zeggen een van de grootste veranderingen sinds 2009. Daarbij wordt in de eerste plaats de aandacht op de af- en aanwezigheid van fysieke knoppen gefocust. Die aanpassing werd begin 2024 al aangekondigd, maar gaat vanaf 1 januari effectief in. Om de maximumscore te kunnen halen, zullen sommige belangrijke functies dus niet alleen via het infotainmentsysteem beschikbaar moeten zijn, maar ook via een fysieke knop te bedienen zijn. Ook de plaatsing van die knoppen moet intuïtief zijn, wil een wagen geen punten verliezen. Essentiële functies die nu al vastliggen, zijn de richtingaanwijzers, de gevaarlichten, de claxon, de ruitenwissers en de eCall-knop.
Nieuw beoordelingssysteem
Naast extra aandacht voor fysieke knoppen, wordt ook gekeken naar de manier waarop de veiligheidssystemen werken. Voor heel wat bestuurders worden deze juist vaak als extra afleiding ervaren, waardoor ze net een omgekeerd effect hebben. Daarom wordt in het nieuwe systeem de Euro NCAP-test onderverdeeld in vier verschillende categorieën: Safe Driving, Crash Avoidance, Crash Protection en Post-crash Safety. Bij elk onderdeel krijgt een wagen een score op 100 punten. Drempelwaarden bepalen uiteindelijk hoeveel sterren (maximaal vijf) een wagen krijgt. Onder het topic ‘Safe Driving’ wordt onder andere gekeken hoe de bestuurder en de wagen samenwerken.
Meer simulaties
Moderne wagens zitten tegenwoordig boordevol actieve veiligheidssystemen. Denk maar aan een automatische noodrem, de rijstrook-assistent of het kunnen uitvoeren van een uitwijkmanoeuvre. Deze klinken allemaal mooi op papier, maar in het drukke verkeer durven deze het rijden net onveiliger te maken. Daarom zal de Euro NCAP nu het aantal simulaties zal opvoeren, waarbij extra aandacht wordt gegeven aan stedelijke omgevingen met fietsers en voetgangers. Ook worden er voortaan extra punten uitgedeeld als een wagen kan detecteren of de bestuurder de verkeerde pedaal heeft ingedrukt.
Wat na een crash?
De fysieke crashtesten waarbij wagens letterlijk aan stukken worden gereden, blijven nog steeds een belangrijk onderdeel van de Euro NCAP. Al zal er vanaf 2026 meer rekening gehouden worden met verschillende lichaamstypes. Denk maar aan oudere personen, kinderen of mensen met een stevigere lichaamsbouw. Ook de bescherming van voetgangers en fietsers die betrokken zijn bij een ongeval zal voortaan zwaarder doorwegen. Ten slotte wordt er vanaf volgend jaar ook gekeken naar wat de wagen allemaal doet na een ongeval. Denk maar aan elektrische verzonken deurhendels die automatisch uitschuiven, of de batterij van een elektrische wagen die geïsoleerd wordt. Ook moet het automatische noodoproepsysteem voortaan kunnen doorgeven hoeveel passagiers in de wagen aanwezig zijn bij een ongeval.

